Login

1970 – 1980 Ben Reuling

  • Geboren in 1937 in Nieuw Wehl
  • Lid van 1961 tot heden
  • Naast speler en regisseur ook bestuurslid geweest, waarvan 44 jaar penningmeester
  • In 9 stukken gespeeld
    o.a. Zonsopgang, Wie in mijn naam een kind opneemt, Nacht en Morgen, Levensschaduwen, Het vrolijke tankstation, Klomp en de Goudvis, Beeld van een man en Het Huwelijkscontract
  • 12 stukken geregisseerd
    o.a. Zeeuwse Gouvernante, Hartjes aan het spit, Gouden Parochie, Contact met Kootje, Boerenbedrog, De zoen van Miss Urk, Moord op kantoor
  • Mooiste rol: ? (Wie in mijn naam een kind opneemt, 1963)
  • Mooiste regie: Gouden Parochiefeest (1975)
  • Nog steeds actief bij de kaartverkoop en de organisatie van de loterij.

Heel Nieuw Wehl trok naar Van Beek

“Naar Niweto gaan hoorde bij het dorp, als naar de kermis of naar de kerk gaan. Iedereen ging op tweede Kerstdag of begin januari naar de uitvoering bij zaal Van Beek, ook al was je geen toneelliefhebber. Het was vooral een leuke avond en we hadden altijd wel een paar zaaltjes vol. En op maandag speelden we voor de bejaarden.” Ben Reuling kijkt, al bladerend in zijn plakboeken, terug op de jaren tussen 1970 en 1980. “In die jaren nam ik de regie over en werd de souffleur ook genoemd. Maar het belangrijkste feit in die tien jaar was de revue tijdens het Gouden Parochiefeest in 1975, het gezamenlijke product van alle Nieuw Wehlse verenigingen.”

Niweto was niet met handen en voeten gebonden aan de kerk. Bij sommige verenigingen in de buurt zat in die tijd de pastoor in het bestuur of moesten de te spelen stukken goedgekeurd worden door de geestelijken. Reuling: “Er was wel een geestelijk adviseur, maar er werd niet veel op uitgedaan.” In de jaren ‘70 werden een klucht uit het boerenleven, een kluchtig blijspel, een dialectstuk en verschillende blijspelen opgevoerd. Volgens Reuling werd er niet erg lang gediscussieerd over de stukkeuze. “Het was altijd wel goed. Het werd in een klein comité beslist. Regisseur Willem Hoksbergen was jaren regisseur, maar gaf weinig aanwijzingen. Er werd vooral veel met elkaar opgelost. Op een gegeven werd gezegd dat ik het wel over kon nemen, de regie. ‘Dat ku gi-j wel!’. Het gevolg was dat er in 1972 zes spelers begeleid werden door twee regisseurs! Ik deed het graag, was altijd op zoek naar een mooi plaatje en had natuurlijk al heel wat jaren gespeeld (ook al bij de Jonge Boeren- red.). Dat was de basis.”

Borrel
Naast de jaarlijkse voorstelling werd er ook weleens iets extra’s gedaan, zoals een optreden ter gelegenheid van het 25-jarig priesterfeest van pastoor de Wit. Ook trok Niweto in die jaren de regio in. Spelers werden uitgenodigd een stuk op te voeren voor de vrouwenbond in Didam, bij Raben in Didam of bij Wildenbeest in Doetinchem. Maar op den duur was het lastig om het organisatorisch rond te krijgen, op een doordeweekse avond. “Niweto was vooral een gezellige club. Repeteren en daarna een biertje of borrel aan de tap in het café.” Jan Koster was in de eerste jaren voorzitter van de vereniging en hij werd in de jaren ’70 opgevolgd door Jan Roording.

Naast regisseur was Ben ook in die tijd al actief als bestuurslid en beheerde hij de penningen. Sponsoring deed z’n intrede: meubels via Timmermans Meubilair, kapper Sanders verzorgde de kapsels en Horsting Bloemen zorgde voor de boeketten na afloop. “Of het helemaal voor niets was, weet ik niet meer,.” zegt Ben die 44 jaar als penningmeester voor de financiën van de vereniging heeft gezorgd en bij zijn overdracht een financieel gezonde club achterliet.

Concurrentie
De oud-accountant zorgt nog altijd voor de kaartverkoop bij de voorstellingen van Niweto. “Er moet nu veel meer energie in gestoken worden om de zaal vol te krijgen. Mensen kunnen tegenwoordig uit heel veel uitstapjes kiezen, zijn veel mobieler en hebben het druk. Dat was vroeger wel anders.” In de beginperiode was er sprake van concurrentie met het Wehlse toneel, dat overigens halverwege jaren ’90 ter ziele ging. De Nieuw Wehlse toneelspelers trokken vaak meer bezoekers. Dat had misschien te maken met de stukkeuze en met het feit dat inwoners uit Nieuw Wehl meer op elkaar aangewezen waren. En er werd op behoorlijk niveau gespeeld; bezoekers kwamen uit omliggende gemeenten. “Het dorp had wat met toneel, vanaf de jonge boeren al (op de Liemerse kringdag werd het Nieuw Wehlse toneel gevraagd op te treden – red.) en verder was er cultureel gezien weinig te beleven. Hele families voelden zich erbij betrokken en bezochten de voorstellingen.”